Waar moet je als school op letten als u een ZZP’er inhuurt?

Voor scholen die werken met freelancers of ZZP’ers is het soms onduidelijk of zij voor deze opdrachtnemers loonheffingen in moeten houden en betalen. Aangezien de VAR inmiddels is afgeschaft, moeten opdrachtgevers- en nemers modelovereenkomsten gebruiken. Waar moet je als school nog meer op letten als u een ZZP’er inhuurt?
  
Handhaving DBA uitgesteld tot 1 juli 2018
 
Sinds 1 mei 2016 geldt de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (Wet DBA). Een belangrijk gevolg van deze nieuwe wetgeving is dat bij de inzet van ZZP-ers gebruik gemaakt kan worden van modelovereenkomsten. Deze kunnen worden voorgelegd aan de belastingdienst, zodat deze hierover een oordeel kan geven. Het gebruik van de modelovereenkomst is niet verplicht, maar als het model is goedgekeurd en er ook daadwerkelijk naar gehandeld wordt, dan kan men er zeker van zijn dat er géén sprake is van een arbeidsovereenkomst.
 
Of een arbeidsrelatie daadwerkelijk een ‘echte’ dienstbetrekking is, die beoordeling is niet veranderd. Met de nieuwe wet moet de wetgever hier nog steeds de balans in aanbrengen.
 
De Wet DBA heeft tot veel onrust en onzekerheid geleid en sluit niet overal aan bij de (in de praktijk) gewenste uitkomst. Op 1 juni 2017 is daarom besloten om de handhaving Wet DBA verder uit te stellen, tot 1 juli 2018, zodat het kabinet dit nader kan onderzoeken.
 
Modelovereenkomsten
 
Zoals net gezegd kan er bij de inzet van ZZP’ers gewerkt worden met modelovereenkomsten. De Belastingdienst maakt de beoordeelde overeenkomsten (voor zover mogelijk) openbaar, zodat deze ook door andere opdrachtgevers en opdrachtnemers kunnen worden gebruikt. Het gebruik van een beoordeelde (model)overeenkomst is aan te raden, maar niet verplicht. Er zijn al diverse modelovereenkomsten in omloop, dit betekent echter niet dat de overeenkomsten zomaar gebruikt kunnen worden. Belangrijk is dat wat beschreven is in de modelovereenkomst, moet overeenkomen met de feitelijke situatie.
 
De docent als ZZP’er
 
Over het algemeen kan een docent niet als ZZP’er worden ingezet, omdat in de meeste gevallen sprake is van een gezagsverhouding. Hiervan is in ieder geval sprake bij een docent die een reguliere functie vervult, ook als dit een vervangingsfunctie betreft. Er kan echter ook sprake zijn van een niet-reguliere (vervangings)functie. Hiervan is bijvoorbeeld sprake bij de docent die voor een korte periode yogalessen verzorgt die geen onderdeel vormen van het curriculum en waarbij de docent vrij is om de lessen zelfstandig in te vullen.
 
Indien de werkgever toch een ZZP’er inzet in een reguliere docent- (vervangings)functie, dan loopt de opdrachtgever (het schoolbestuur) een groot risico. Zowel vanuit arbeidsrechtelijk, sociaalrechtelijk en fiscaal perspectief, is het dan ook van groot belang om duidelijkheid te hebben over de status van een arbeidsrelatie. Wanneer een ZZP’er in de praktijk eigenlijk werkt als een werknemer, dan bestaat de kans dat schoolbesturen loonbelasting en sociale premies met terugwerkende kracht moeten afdragen. De werknemer heeft dan in feite een arbeidsovereenkomst. Dat er een modelovereenkomst tussen partijen is overeengekomen, doet er dan niet toe. Zowel opdrachtnemer als -gever zijn dan gezamenlijk verantwoordelijk voor de fiscale gevolgen van de arbeidsrelatie.
 
Toetsingskader
 
De bedoeling van het inzetten van ZZP’ers is dat niet gewerkt wordt op basis van een arbeidsovereenkomst. Het is dan ook van belang om te onderscheiden wat de kenmerken van een arbeidsovereenkomst zijn. Bij een arbeidsovereenkomst is sprake van:
 
  • Een gezagsverhouding;
  • Een persoonlijke verplichting om arbeid te verrichten;
  • Een verplichting tot het betalen van loon.
 
Op basis van jurisprudentie kunnen de volgende vragen een richting geven om de aanwezigheid van een gezagsverhouding te kunnen bepalen:
 
  • Wat is er afgesproken over de aanwezigheid van de werknemer bij activiteiten die direct verband houden met het lesgeven, zoals lerarenvergaderingen en tienminutengesprekken?
  • Is er verschil tussen de rechten en plichten van de werknemer ten opzichte van andere inval-leerkrachten? Zo ja welk verschil?
  • Werd de werknemer doorbetaald bij feest- en vakantiedagen?
  • Had de werknemer recht op doorbetaling van loon bij ziekte?
  • Zijn er sociale premies ingehouden op het loon van de werknemer?
  • Zijn deze premies ook afgedragen?
  • Is de werknemer ziek geweest in de periode dat hij als invalleerkracht op de school
  • werkzaam was? Zo ja, is in die periode zijn loon doorbetaald?
  • Moest de werknemer bij zijn afwezigheid zelf voor vervanging zorgen? Zo ja moest hij dat doen in overleg met de school? Zo ja wat is daar dan over afgesproken?
  • In hoeverre moest de werknemer zich houden aan de richtlijnen en aanwijzingen van de schooldirecteur en van het bestuur van de overkoepelende vereniging.
 
Om werkgevers te helpen bij het bepalen of nu wel of geen sprake is van een arbeidsovereenkomst, heeft de Belastingdienst een handreiking opgesteld. Mocht u een ZZP’er willen inzetten in uw organisatie, dan raden wij u aan om deze handreiking zorgvuldig te bestuderen en bij twijfel een jurist te raadplegen.

Dit artikel is tot stand gekomen door een samenwerking tussen de VO-raad en de belastingdienst.