Scholen willen werkdrukgelden inzetten voor onderwijsassistenten

Door het werkdrukakkoord komt er volgend schooljaar vervroegd gemiddeld 35 duizend euro per basisschool beschikbaar voor werkdrukverlaging. Drie directeuren van het VBS-directienetwerk Midden-Nederland denken dat hun school behoefte heeft aan onderwijsassistenten.
 
Alex van Zwam, directeur van de 1e Montessori Basisschool Houten, berekende dat zijn school volgend schooljaar zo’n 60 duizend euro extra tegemoet kan zien. ‘Daarmee willen we twee onderwijsassistenten voor 0,7 of 0,8 fte benoemen. Zeker met passend onderwijs komen we inzet in de klas tekort.’
Ook bij De Nieuwe Regentesseschool in Utrecht ontbreekt het bij een klassengrootte van 25-30 leerlingen aan extra handen. ‘Om de nood te ledigen hebben we behoefte aan meer Manons en Cynthia’s, onze huidige onderwijsassistenten’, vertelt directeur Nartano Glijn.
Dat geldt ook voor Jenaplanschool Klavertje 4 in Oudewater. Directeur Madelon Nawijn: ‘Een ambulante leerkracht voor individuele begeleiding van kinderen met zorgarrangementen kunnen we een grotere aanstelling geven. Ook kunnen we onze onderwijsassistent dan structureel behouden.’ Overigens benadrukken de directeuren dat het team een besluit neemt over de besteding van de werkdrukgelden.
 
Eerste stap
Deze financiële impuls zien de directeuren als een eerste stap op weg naar werkdrukverlaging en de aanpak van het lerarentekort. ’Vijfendertig mille is leuk, maar op lange termijn is het niet voldoende’, zegt Glijn. ‘Bij een griepepidemie ervaar je waar het knelt, er is geen invaller te krijgen. Daarbij past niet elke vervanger bij freinetonderwijs.’ Van Zwam is daarom voor ‘een forse loonsverhoging, om te beginnen van het niveau waar het PO-front voor pleit’.
 
Aantrekkelijker pabo
De drie directeuren zien mogelijkheden in een aantrekkelijker pabo. VBS denkt aan specialismes voor onder-, midden- en bovenbouw. ‘Specialismes invoeren zou een goede zet kunnen zijn’, denkt Nawijn. Voorwaarde is wel dat de pabo-afgestudeerde kennis houdt van de doorgaande lijnen en indien nodig ingezet kan worden in alle groepen. ‘Dat laatste is van belang voor eenpitters omdat je een bovenbouwleerkracht niet naar een andere school van je bestuur kunt overplaatsen als je de boel wil opschudden’, merkt Glijn op.
Van Zwam pleit ervoor om van de pabo een serieuze opleiding voor mannen te maken. ‘Mannen staan in de regel niet te springen om een kleuterstage, maar zijn wel geïnteresseerd in techniek, ict en sport. Ook is het belangrijk stringente eisen aan leraren te stellen, en de instroomeisen van de pabo dus niet te versoepelen.’
 
Ook collegiale visitatie draagt wat VBS betreft bij aan professionalisering en meer werkplezier: hoe wordt elders gewerkt, wat kunnen we van elkaar leren? ‘Wij werken als freinetschool al naar tevredenheid met collegiale visitatie’, beaamt Glijn. Een andere suggestie om de werkdruk te verlagen is een evenementen-coördinator. Zeker voor kleinere teams zal dit veel tijd, energie en zorg schelen.
 
Hoger salaris fulltimers
Het lerarentekort is daarmee niet direct verleden tijd. Parttimers in het onderwijs kunnen een reservoir om aan te boren zijn. Een suggestie: betaal fulltimers verhoudingsgewijs meer dan parttimers. Het kan wellicht de drempel verlagen om meer te gaan werken.
Nawijn denkt niet dat meer salaris haar parttimers over de streep zal trekken. ‘Deeltijders kiezen daar bewust voor om de werk-privébalans te bewaken. Meer salaris zal mijn parttimers denk ik niet stimuleren om meer te gaan werken. Daarbij vind ik het ethisch een lastige kwestie.’
 
Daarnaast is er blijvende aandacht nodig voor het tekort aan stagiaires voor met name kleine scholen (grote schoolbesturen en pabo’s sluiten mantelcontracten), het opleiden in de school en begeleiding van (beginnende) leerkrachten. Al deze aspecten moeten in samenhang bekeken worden. Een gespecialiseerde taskforce moet hier wat VBS betreft het voortouw in nemen.